“Het begin van wijsheid is: verwerf wijsheid; ja, verwerf inzicht met alles wat je bezit.”
Spreuken 4: 7
Of je het zou willen? Dat er een dag komt dat je genoeg weet. Dat je niks meer hoeft te leren. Volgens jou begrijp je alles. Je snapt eindelijk het bestaan. Voor jou is er geen nieuws meer onder de zon. Jij beseft de lucht, jij onderkent de leegte. Jij hebt vat op de dagen.
Zou het een opluchting zijn? Zou het de gewenste rust en vrede brengen? Geen scherpe vragen meer over ziekte, dood, onrecht of geweld. Geen nachten dat je wakker hoeft te liggen. Omdat het leven je zo pijnigt. De teleurstellingen, de afwijzingen, de ontgoochelingen.
De mensen komen bij je. Met hun radeloosheid. Met hun worstelingen. Met hun twijfel, hun angsten, hun uitzichtloosheid. En jij? Jij knikt, jij luistert. Jij wijst ze de weg. Je bent als een intelligent navigatiesysteem.
Maar zoveel kennis. Staat dat gelijk aan zoveel wijsheid? Aan zoveel begrip, besef, benul? Wanneer je niet meer nieuwsgierig bent, niet meer verwonderd raakt. Wat heb je dan aan al je feiten? Wat doe je met al die analyses, die boeken, die gegevens, die informatie, die tirades?
Kennis zonder wijsheid, inzicht, vernuft. Is dat niet als een rivier zonder bedding, een woord zonder zin, een zon zonder warmte. Een mens zonder geliefden?
Jan Spoelstra